10-jarig jubileum bij MeerWaarde. Tijd om stil te staan!
Magne de Kreek.
Als sprookjes verhalen met een happy end zijn, heeft de loopbaan van Magne wel wat weg van een sprookje. “Ik ben een groot muziekliefhebber. Tien jaar werkte ikals zelfstandig ondernemer en runde twee cd-winkels. Maar de branche veranderdeingrijpend en ik moest de winkels sluiten. Ik stelde mijzelf de vraag of ik een andere winkelwilde beginnen of dat mijn hart ergens anders lag. Dat laatste bleek het geval. Ik wil graagmensen helpen, vooral jongeren die opgroeien. Zelf hing ik vroeger veel op straat. Ik luisterdeniet echt naar mijn ouders of leerkrachten. Als ik iemand had ontmoet die mijn (straat)wereldjekende, in de buurt was voor een praatje en ondersteuning bood bij de dingen waar ik mee zat,had ik daar zeker open voor gestaan.”
Onbewust bekwaam
Magne werd getipt over de functie van jongerenwerker bij MeerWaarde en solliciteerde.“ ‘Onbewust bekwaam’ werd ik genoemd. Ze wilden mij aannemen, maar zeiden ook dat ik eenrelevante HBO-diploma moest hebben. Ik zag de uitdaging; een fulltime baan en een voltijd HBO-bachelor volgen naast mijn vaderschap en de hypotheek die ik samen met mijn vrouwdroeg. Toch was het werk precies wat ik wilde. Dat ik ondersteuning van MeerWaarde kreeg,hielp enorm. Elk vrij uurtje, ook op mooie dagen, zat ik binnen met een koptelefoon op testuderen. Met resultaat; een diploma Maatschappelijk Werk en Dienstverlening.”
Een junior van 43 jaar
Als 43-jarige ‘junior’ werd Magne door zijn duo-collega wegwijs gemaakt in het werk van eensociaal werker. “We richtten ons op jeugd tussen de 14 en 23 jaar in Nieuw-Vennep. We gingensamen de straat op, brachten jeugdgroepen in kaart en gingen in gesprek met jongeren overhun problemen, behoeften, gedachten. Studieboeken leerden mij over samenwerken metketenpartners, zoals politie en gemeenten, maar pas in de praktijk zag ik hoe belangrijk diesamenwerking met andere aanbieders van hulp en zorg is. Als jongerenwerker ben je een soortvertrouwenspersoon voor jongeren op straat, je weet wat er speelt. Tegelijkertijd gingen mijnduo en ik wekelijks bij de politie langs om te praten wat er gaande was in de buurt, overigenszonder het vertrouwen van de jongeren daarbij te schaden.”
Resultaat is er, al kost het soms jaren
Het werk van sociaal werkers is niet in één blik zichtbaar. Vaak is het effect pas jaren laterzichtbaar. “Ons werk is relevant, van wezenlijk belang. Al lijkt tegenwoordig of alleen wat directwaarneembaar is, er toe doet. Een voorbeeld. Als jongerenwerker ontmoette ik een jongen dievanaf het eerste contact een bozige, wat gefrustreerde, half agressieve houding aannam. Waarzijn vrienden met ons praatten, wilde hij niks met mij of mijn collega te maken hebben. Dat liethij ook duidelijk merken; ‘wat komen jullie mengen?’ Ik voelde dat méér achter zijn houdingzat. Met mijn collega sprak ik af dat zij zich in het contact bezig zou houden met de anderen,zodat ik dichterbij die jongen probeerde te komen. Als we de groep zagen, ging ik bij hem in debuurt staan. Ik gaf hem het gevoel niks van hem te verwachten. Als een soort trouw huisdierdat bij de voordeur op je wacht tot je thuiskomt. Het werkte. Ik kreeg zijn telefoonnummer. Inhet begin reageerde hij niet of nauwelijks op mijn app’jes, maar langzaam verandert dit. Hetbleek dat hij enorme problemen had; geen werk, geen school. Hij blowde bijna continu en werdniet door zijn ouders gezien. In de daarop volgende anderhalf jaar werd ik een soort buddyvoor hem. We hadden gesprekjes; wat wil je met je leven? hoe kun je daarmee aan de slag? Ooksprak ik met zijn moeder, waar hij bij was, want ik deed niks zonder hem of dat hij ervan wist. Zijwilde het beste voor haar zoon, maar had zelf allerlei problemen en was daardoor niet in staatom hem te ondersteunen. Als het niet zo lekker liep, stimuleerde ze hem wel; ‘misschien is hetgoed om even Magne te bellen?’ Het ging met horten en stoten, maar hij ging zich steeds betervoelen; kreeg werk, blowde en dronk stukken minder. Dat hij een vriendin kreeg die vooral ooghad voor zijn goede gedrag heeft ook enorm geholpen om zijn leven op de rit te krijgen.”Ik heb niet hetidee dat ik hétgrote verschil gamaken. Elk stapjedat ik met iemandmaak, hoe kleinook, is een stap.“”
Ons werk is relevant, van wezenlijk belang. Al lijkt het tegenwoordig alsof alleen wat direct waarneembaar is, er toe doet.